De inspraakreacties
Tijdens de periode van inspraak op de stadsvisie (inclusief de richtinggevende uitspraken en de structuurvisie) zijn er zeven zienswijzen binnengekomen. Alle zienswijzen zijn beoordeeld en het college van burgemeester en wethouders heeft ze van een antwoord voorzien. De indieners van de zienswijzen hebben daarover schriftelijk een brief ontvangen.
Alle zienswijzen kunt u hier onderaan deze pagina downloaden. De samenvatting van de zienswijzen, plus het antwoord, de reactie, van het college staat hier vermeld. Het is onderaan deze pagina ook als een document te downloaden.
Het college van B&W heeft de zienswijzen en het 'reactiedocument' voorgelegd aan de gemeenteraad. De raad zal daarover op 1 december een besluit nemen. namelijk of hij zich kan vinden in de reactie die het college van B&W heeft gegeven én of de stadsvisie met een aantal aanpassingen definitief kan worden vastgesteld.
Inleiding
Door de gemeenteraad is tijdens de vergadering van 6 oktober 2009 kennis genomen van de concept Stadsvisie Enkhuizen 2030, zoals deze als wensbeeld naar voren is gekomen uit het gehouden interactieve participatietraject met de inwoners, bedrijven, organisaties en instellingen. Dit was vervolgens voor de raad aanleiding om de concept Stadsvisie (inclusief richtinggevende uitspraken en de Structuurvisie) voorlopig vast te stellen en voor een periode van twee weken, vanaf 8 oktober 2009, vrij te geven voor de inspraak (“finale belangentoets”).
Op woensdag 7 oktober 2009 oktober heeft in de gemeenterubriek in het weekblad De Drom (huis aan huis verspreid) de publicatie plaatsgevonden voor deze inspraak. Vanaf 8 oktober 2009 heeft de voorlopig vastgestelde Stadsvisie Enkhuizen 2030, gedurende een periode van 2 weken voor een ieder ter inzage gelegen in het Stadskantoor aan de Hoogstraat. De termijn waarbinnen zienswijzen ingediend konden worden eindigde op woensdag 21 oktober. Voor schriftelijke, via de reguliere post, ingezonden zienswijzen, is de poststempel bepalend voor de vraag of de zienswijze tijdig is ingediend. Van de mogelijkheid om zienswijzen in te dienen is gebruik gemaakt, in totaal zijn er 7 zienswijzen ontvangen. Deze zienswijzen worden hieronder samenvattend weergegeven en voorzien van een inhoudelijke reactie en een conclusie. Tevens worden enkele ambtshalve aanpassingen voorgesteld. In een aantal gevallen wordt voor een passage verwezen naar een paginanummer van de concept Stadsvisie, zoals deze door de raad voorlopig is vastgesteld.
Ingediende zienswijzen
----------------------------------------------------------------------------------------------
1. Samenvattende reactie Rijkswaterstaat
A. Peilregime Markermeer en IJsselmeer
Voor een eventuele peilverhoging geldt als randvoorwaarde, dat de recreatieve aantrekkelijkheid in stand moet blijven en dat bij nieuwe ontwikkelingen rekening moet worden gehouden met de peilverhoging. In het voorontwerp bestemmingsplan Enkhuizer Zand is
hiervan nog geen sprake.
B. Waterplein
Eventuele ontwikkelingen die in het waterplein plaatsvinden en die deel uitmaken van het hoofdwatersysteem moeten passen binnen de kaders die Rijkswaterstaat op het gebied van nautische veiligheid, waterkwaliteit en -kwantiteit stelt.
C. Krabbersplaat
De locatie van een te ontwikkelen containeroverslagterrein is niet eenduidig. Nieuwe activiteiten zoals een containeroverslag moeten zorgvuldig worden afgewogen en ingepast. Dit is niet alleen een verantwoordelijkheid van de gemeente, maar ook van Rijkswaterstaat als verantwoordelijke vaarwegbeheerder.
D. Nieuw tracé N 506
In de Structuurvisie wordt vooruitgelopen op een buitendijkse omlegging van de N 506. Binnen de planhorizon is geen enkel zicht op realisatie van deze omlegging.
Overwegingen gemeente
A. Het is van belang een onderscheid te maken tussen peilaanpassing op de korte en op de lange termijn. Op de korte termijn gaat het om ongeveer 30 centimeter peilverhoging; op de lange termijn wordt gesproken over een mogelijke verhoging van 1,5 meter. Een besluit van het Rijk daarover wordt niet eerder dan in 2013 verwacht. De opmerking dat in het voorontwerp bestemmingsplan Enkhuizer Zand nog niet zou zijn ingespeeld op de toekomstige peilaanpassing in het IJsselmeer, is niet juist, in die zin dat de concrete peilverhoging van circa 30 cm. in de planvorming is verwerkt. In het plangebied wordt voorzien in het verhogen en verder doortrekken van de regionale waterkering welke deels al aanwezig is, zodanig dat een toekomstige peilverhoging wordt opgevangen. Dit ingebrachte aandachtspunt geldt uiteraard ook voor andere ontwikkelingen en plannen. Met een lange termijn peilverhoging is geen rekening gehouden in afwachting van een peilbesluit door het Kabinet.
B. De in de Structuurvisie 2020 opgenomen ontwikkelingen moeten passen binnen tal van wettelijke voorschriften en beleidskaders. Tevens zal daarom afstemming moeten plaatsvinden met alle betrokken partijen, waaronder Rijkswaterstaat. Uitwerking van plannen zal daarnaast plaatsvinden in meer concrete ruimtelijke plannen met de mogelijkheid van inspraak, bezwaar en beroep etc.
C. De exacte plaats van een eventuele containeroverslag ligt nog niet vast, gezocht wordt naar een locatie nabij bedrijventerrein Krabbersplaat. De lens op pagina 49, de schets op de luchtfoto op pagina 50 (met daarin aangegeven een locatie voor een overslag) en de aanduiding van een overslagterrein langs de strekdam, zijn inderdaad niet eenduidig. De schets op pagina 50 is een mógelijke concrete invulling van diverse functies rond deze kustzone en dient als illustratie. Bedoeld is om een zoekgebied aan te duiden (in lens 7) waarbinnen mogelijke uitbreidingen van bedrijfsfuncties kunnen plaatsvinden. Lens 7 zoals deze nu is weergegeven op het kaartje op pagina 49 is daarvoor veel te klein. Wij hebben lens 7 vergroot, zodat helder is binnen welk gebied gezocht wordt naar uitbreiding van de op pagina 49 bedoelde bedrijfsactiviteiten. De gewijzigde weergave van lens 7 is opgenomen in de bijlage bij dit document.
D. De feitelijke uitvoering van dit tracé zal naar verwachting weliswaar na de planperiode plaatsvinden, maar planologische procedures en voorbereidende activiteiten (zoals het maken van het cunet bijv. met uit het gebied vrijkomende baggerspecie), zullen naar onze verwachting weldegelijk in de komende planperiode gestalte krijgen. Het zou dan onzorgvuldig zijn om niet nu in de Structuurvisie 2020 inzicht te geven in die ruimtelijke visie.
Conclusie
Deze zienswijze van Rijkswaterstaat geeft aanleiding om de beeldweergave van lens 7 in de Stadsvisie aan te passen, zowel in de tekst als in de structuurvisiekaart, conform het beeld zoals in de bijlage is opgenomen.
--------------------------------------------------------------------------------------------
2. Samenvattende reactie Seed Valley
Instemming met het belang van de zaadindustrie in de Stadsvisie en aandacht vragend voor het faciliteren van de verwachte groei van deze industrie.
Overwegingen gemeente
Seed Valley met de daarbij behorende kennis en behoud en uitbreiding van de werkgelegenheid in deze regio is een belangrijke pijler van de Stadsvisie. Binnen de daarvoor geldende mogelijkheden en wet- en regelgeving zal de gemeente deze industrie dan ook zo goed mogelijk willen faciliteren, zowel voor de bedrijven gevestigd aan het Westeinde (noord) als aan de Haling. Voor de publiekrechtelijke medewerking van uitbreidingsmogelijkheden van Incotec (Westeinde-Zuid) wordt verwezen naar onze reactie onder punt 3.
Conclusie
De zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van de Stadsvisie.
--------------------------------------------------------------------------------------------
3. Samenvattende reactie
Incotec Group B.V.
Incotec constateert dat in de Structuurvisie 2020 aan de zuidkant van het Westeinde plannen zijn opgenomen voor het realiseren van woningbouw. De plannen voor woningbouw kunnen in conflict komen met de mogelijke uitbreiding van Incotec. In het Structuurplan 2004 heeft de gemeenteraad de voorwaarde neergelegd dat deze woningbouw nooit de groei van het bedrijf mag belemmeren.
Overwegingen gemeente
Met de Structuurvisie 2020 is niet beoogd om het beleid voor Westeinde-Zuid, zoals dit al was opgenomen in het Structuurplan 2004, aan te passen. Dat wil zeggen dat een verdere uitbreiding met productiehallen etc. in zuidelijke richting in strijd is met de beoogde woningbouw op de locatie Westeinde-Zuid. Ook de gemeente heeft echter gezien dat Incotec in de afgelopen jaren flink is gegroeid. Het is verheugend dat de zaadindustrie groeit. De gemeente heeft in de afgelopen jaren, op basis van een door Incotec opgestelde stedenbouwkundige visie (2006), dan ook medewerking verleend aan uitbreiding van de bedrijvigheid. Een goede ruimtelijke ordening kon worden bewerkstelligd door te kiezen voor een uitbreiding in zijwaartse richting. In die lijn zal de gemeente een toekomstige uitbreidingswens opnieuw benaderen. In de Structuurvisie 2020 wordt aangegeven dat voor het gebied (lens 4) een nadere uitwerking is gewenst. Er zijn op dit moment nog geen concrete plannen voor woningbouw. De gemeente is van mening dat een mogelijke uitbreiding van Incotec past binnen de visie zoals deze in de Structuurvisie 2020 is geformuleerd.
Conclusie
De zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van de Stadsvisie.
--------------------------------------------------------------------------------------------
4. Samenvattende reactie
Vereniging Oud Enkhuizen
De vereniging kan zich goeddeels vinden in de voorgenomen plannen voor de stad. Aan de cultuurhistorische waarde van de stad hecht de vereniging veel waarde. Parkeren onder het schootsveld kan alleen wanneer dit leidt tot een wezenlijke verbetering van de beeldkwaliteit van de binnenstad.
Overwegingen gemeente
De Stadsvisie en de daarop gebaseerde Structuurvisie staan in het teken van het behoud van de historische kwaliteit van de stad. Nieuwe ontwikkelingen zullen daarin op een verantwoorde wijze plaats moeten vinden. Parkeren onder het schootsveld zal naar verwachting leiden tot minder parkeren in de binnenstad wat tot een wezenlijke verbetering kan leiden.
Conclusie
De zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van de Stadsvisie.
---------------------------------------------------------------------------------------------
5. Samenvattende reactie mw.
I. Stolk - Beertsen te Enkhuizen
Voor wat betreft de Stadsvisie
1.Mevrouw Stolk is van mening dat veiligheid een overheidstaak is (blz. 11).
Overwegingen gemeente
Veiligheid is een overheidstaak in het publieke domein. In geval van horeca kan sprake zijn van gedeelde verantwoordelijkheid. De tekst van de Stadsvisie roept vooral op om in de zomermaanden wanneer er meer mensen in Enkhuizen zijn, zorg te dragen voor een toereikend politiekorps. Het gaat om twee losse stellingen die invullen wat de wens is, niet hoe deze bereikt gaat worden.
Conclusie
De zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van de Stadsvisie.
--------------------------------------------------------------------------------------------
2. Er moet alles aan worden gedaan om te voorkomen dat de detailhandel in de stad ten onder gaat. Zonder detailhandel is Enkhuizen een “dode stad”. Er zou onderzoek kunnen worden gedaan naar lastenverlichting voor winkeliers (blz. 12).
Overwegingen gemeente
De gemeente is verheugd over de betrokkenheid van de indiener van de zienswijze om te voorkomen dat er een dode stad ontstaat. Er moet inderdaad zorgvuldig worden omgegaan met de detailhandel in de stad. In de Structuurvisie is opgenomen dat er een economische visie (met daarin een visie op de detailhandel) wordt opgesteld. In die economische visie én in een nieuw bestemmingsplan voor de binnenstad en havens, moeten de concrete keuzes worden gemaakt, die zorgen voor het behoud van een gezond detailhandelsklimaat. Daarvoor is het in deze Structuurvisie nog te vroeg. Naar het oordeel van de gemeente staat in de Stadsvisie nu voldoende beschreven wat het belang van detailhandel is voor de levendigheid in de stad.
Conclusie
De zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van de Stadsvisie.
--------------------------------------------------------------------------------------------
3. Wonen en bouwen (blz. 13 en 38).
A. In de Stadsvisie staat dat babyboomers diverse oudedagsvoor-zieningen op zullen zetten. Dat lijkt niet reëel omdat de babyboomers rond 2030 al op een heel hoge leeftijd zullen zijn.
B. De stadswallen moeten niet multifunctioneel worden gebruikt. Dat doet afbreuk aan de kenmerkende monumentale waarden van die stadswallen.
Overwegingen gemeente
A. Wat met de oudedagsvoorzieningen wordt bedoeld is dat de babyboomers er op dat moment (2030) feitelijk gebruik van zullen maken. Het is juist dat zij die dan niet zelf zullen kunnen opzetten.
B. De stadswallen zijn monumentaal en bij een eventueel multifunctioneel gebruik zal dit gebruik natuurlijk getoetst worden aan de daarvoor geldende eisen en richtlijnen.
Conclusie
De zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van de Stadsvisie.
--------------------------------------------------------------------------------------------
Voor wat betreft het onderdeel Structuurvisie
C. In de Structuurvisie staat vermeld: “Het centrum is relatief dicht bebouwd en kent een besloten sfeer” (blz. 38). De indiener trekt de conclusie dat verdere verdichting niet raadzaam is. Een binnenstad moet ook lucht en ruimte houden voor de leefbaarheid. Daarom zou moeten worden voorkomen dat elke open of vrijgekomen plek wordt volgebouwd.
Overwegingen gemeente
Het citaat is afkomstig uit dat deel van de Structuurvisie dat een toelichting geeft op de huidige kenmerken van het oude, goed bewaard gebleven historische centrum (het middeleeuwse stadsgedeelte). De dichte bebouwing en besloten sfeer beschrijven dat stadsgedeelte goed. Wij zien geen reden om dat aan te passen. In algemene zin moet worden opgemerkt dat bij elke herontwikkeling (herstructurering of invulling van open plekken) een zorgvuldige belangenafweging dient plaats te vinden. Daarbij is het uitgangspunt dat volbouwen en verdichting geen doel op zich is. In die zin wordt de stelling onderschreven. Een stad moet licht, lucht, groen en leefruimte hebben. Maar tegelijk zijn ook de oude structuren (vaak tot uiting komend in aaneengesloten bebouwingspatronen) van belang voor de herkenbaarheid van de cultuurhistorie van de stad. In dit spanningsveld zal elke keer opnieuw een belangrijke beslissing genomen moeten worden. De basis voor deze beslissing wordt gevonden in het binnenkort op te stellen bestemmingsplan.
Deze zienswijze leidt naar onze mening wel tot een heroverweging van de richtinggevende uitspraak nr. 29, over de kwaliteit van de openbare ruimtes en verbindende routes. Het kan niet zo zijn dat met het oog op toerisme en recreatie, alléén kwaliteitsverbetering plaatsvindt op ‘imagobepalende’ plekken. Kwaliteitsverbetering geldt in algemene zin voor de hele binnen- en buitenstad. Het betreft zowel de openbare ruimte, als de (her)invulling van delen van het bebouwingspatroon. In dat verband wordt voorgesteld om de richtinggevende uitspraak nr. 29 als volgt te veranderen:
“Enkhuizen verbetert de kwaliteit van de openbare ruimte en de verbindende routes”.
Conclusie
De zienswijze geeft aanleiding om in richtinggevende uitspraak nummer 29 van de Stadsvisie de woorden “op imagobepalende plekken” te laten vervallen.
--------------------------------------------------------------------------------------------
4. Onder de kop ‘Economie, ruimtelijk perspectief’ (blz. 48).
A. De indiener is van mening dat ook de middenstand als economische pijler voor Enkhuizen genoemd zou moeten worden.
Overwegingen gemeente
Belangrijke economische pijler voor onze gemeente is inderdaad ook de middenstand. De middenstad is een belangrijke factor voor de bevolking en bezoekers van Enkhuizen. Wij zullen deze categorie dan ook toevoegen aan de tekst.
Conclusie
De zienswijze geeft aanleiding de tekst van de Stadsvisie op pagina 48 “Ruimtelijk perspectief”, onder Bedrijvigheid aan te vullen met de pijler ‘middenstand’.
---------------------------------------------------------------------------------------------
B. Enkhuizen zit niet te wachten op grootschalige detailhandel in de buitenstad. Consumenten trekken weg uit de binnenstad. De binnenstadswinkeliers hebben het al moeilijk genoeg. De indiener vraagt aandacht voor de stadswinkels voor een levendig en sociaal Enkhuizen.
Overwegingen gemeente
Deze zienswijze ligt in lijn met de visie van de gemeente over de detailhandel in Enkhuizen. Verwarring is wellicht ontstaan over de definitie van grootschaligheid. Juist de binnenstad is bedoeld voor de detailhandel tot ongeveer 700 m². In verband met de schaal van de bebouwing in de binnenstad en de bereikbaarheid is alleen “grootschalige” detailhandel (groter dan 700m²) denkbaar buiten het kernwinkelgebied en moet de wenselijkheid nog worden onderzocht in een nog op te stellen detailhandelsvisie. Het is goed te bedenken dat winkels van meer dan zo’n 700 m² in het algemeen spraakgebruik nog niet grootschalig zijn. Echt grootschalig worden winkels pas als ze een groter oppervlakte hebben dan ongeveer 1.500 m².
Conclusie
De zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van de Stadsvisie.
---------------------------------------------------------------------------------------------
5. Wonen en bouwen ‘ruimtelijk perspectief’ (blz. 51).
A. Toename van het aandeel hogere inkomensgroepen in de binnen- stad houdt niet automatisch een toename in van het aandeel ouderen. Er is juist tegenwoordig een groei van het aantal jonge gezinnen met kinderen in de binnenstad.
Overwegingen gemeente
De laatste jaren is er inderdaad een toename te zien van het aantal jonge gezinnen met kinderen. Een nuancering van de tekst op pagina 51 is op z’n plaats.
Conclusie
De zienswijze geeft aanleiding de tekst van de Stadsvisie op pagina 51 aan te passen, door de woorden “en daarmee het aantal ouderen” te schrappen.
---------------------------------------------------------------------------------------------
B. De indiener pleit voor een inrichting van het Boschplein als verblijfsplein (blz. 51).
Overwegingen gemeente
In de Structuurvisie 2020 is aangegeven dat het Boschplein één van de mogelijke ontwikkelingslocaties is. Over de richting van die ontwikkeling is doelbewust nog geen uitspraak gedaan. Dat is iets wat op een later tijdstip, bijvoorbeeld bij de vaststelling van het bestemmingsplan, veel meer gedetailleerd bekeken moet worden.
Conclusie
De zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van de Stadsvisie.
--------------------------------------------------------------------------------------------
C. Parkeren. De Buurtvereniging Boschplein en Omgeving (BEO) heeft een effectievere indeling van de parkeerplaats van het Boschplein voorgesteld. Daarnaast wordt voorgesteld de grond naast het Stadskantoor te gebruiken als parkeerplaats.
Overwegingen gemeente
De gemeente is op de hoogte van de ideeën van de buurtvereniging, maar deze zijn voor de Structuurvisie op deze plek niet van belang.
Conclusie
De zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van de Stadsvisie.
--------------------------------------------------------------------------------------------
6. Toerisme en recreatie (blz. 56).
De indiener geeft aan dat er al voldoende horeca aanwezig is rond de Oude Haven. Uitbreiding van horeca is niet nodig.
Overwegingen gemeente
In de Structuurvisie 2020 wordt niet gesproken over uitbreiding van horeca. Verwoord wordt alleen het gewenste karakter van de Oude Haven en dat horeca daarbij passend zou zijn. Of dat een uitbreiding of een verplaatsing van horeca zou moeten betekenen, is nog niet onderzocht. Het horecabeleid – en een eventuele aanpassing daarvan – komt pas in beeld als uitwerking van de Structuurvisie in de nog op te stellen beleidsnota over economische zaken en toerisme.
Conclusie
De zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van de Stadsvisie.
---------------------------------------------------------------------------------------------
7. Onderwijs (blz. 60).
Als ‘concentratie van voorzieningen’ betekent dat scholen moeten gaan fuseren, dan is de indiener daar op tegen. De massaliteit van scholen is slecht voor de sociale samenhang en het gevoel van veiligheid op scholen.
Overwegingen gemeente
Met concentratie wordt niet de fusie van voorzieningen bedoeld. De nadruk in de Structuurvisie 2020 ligt juist op het belang van een diversiteit aan voorzieningen. Met concentratie wordt bedoeld dat er in de bedrijfsvoering voordelen zijn te behalen als voorzieningen zijn geconcentreerd. De gemeente heeft bovendien geen bevoegdheid aangaande fusies van verschillende scholen.
Conclusie
De zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van de Stadsvisie.
---------------------------------------------------------------------------------------------
6. Samenvattende reactie dhr
D. Hage te Enkhuizen.
De indiener van de zienswijze attendeert op het plan van de gemeente Andijk tot het plaatsen van 3 windmolens in Andijk nabij de gemeentegrens met Enkhuizen.
Overwegingen gemeente
De Stadsvisie is een plan op hoofdlijnen en is mede de basis voor de opstelling van beleid en bestemmingsplannen voor onze gemeente. De visies strekken zich niet uit over het grondgebied van andere gemeenten. Mocht er aanleiding zijn om op de plannen te reageren die de indiener in zijn zienswijze noemt, dan zullen wij dat in een ander verband doen.
Conclusie
De zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van de Stadsvisie.
--------------------------------------------------------------------------------------------
7. Samenvattende reactie
Het Grote Water BV, te Leusden
De indiener, directeur van deze BV, benadrukt in zijn zienswijze het belang van een goede herstructurering van de zuidzijde van de Oude Haven voor wat betreft het gedeelte tussen de Wilhelminabrug en de Drommedaris. Hij benadrukt dat de financiële haalbaarheid van een herstructurering meestal ook met zich meebrengt dat er een kostendrager in de vorm van woningbouw gezocht moeten worden. Hij is niet gelukkig met de woorden “eventueel in combinatie met de woonfunctie” in de tekst op blz. 56, omdat juist een mix van functies belangrijk is.
Overwegingen van de gemeente
Het belang van een goed herstructureringsplan voor de zuidzijde van de Oude Haven wordt volledig onderschreven. Met betrekking tot de functionele invulling geeft de Stadsvisie primair aan dat gedacht wordt aan publieksfuncties (zoals horeca en winkels), eventueel in combinatie met een woonfunctie. Het ontwikkelen van publieksfuncties staat voorop, waarbij overigens niet wordt uitgesloten dat er sprake is van een combinatie met wonen. Het woordje ‘eventueel’ is daarbij doelbewust opgenomen.
Conclusie
De zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van de Stadsvisie.
---------------------------------------------------------------------------------------------
AMBTSHALVE WIJZIGINGEN
Ambtshalve wordt voorgesteld twee wijzigingen door te voeren in het beeld van lens 4 / 6.
1. Lens 4/6
In het beeld van lens 6 op pagina 52 en 59 staat met een oranje arcering de uitbreiding van de woningbouw ten zuiden van het Westeinde aangegeven (Westeinde-Zuid). Deze arcering komt echter niet precies overeen met de arcering zoals die in het Structuurplan 2004 is opgenomen, terwijl dit wel de bedoeling is geweest. Ter hoogte van zaadbedrijf Syngenta is ten onrechte een stukje grond gearceerd ten behoeve van woningbouw. In de bijlage treft u een gewijzigde lens aan.
2. Structuurvisiekaart
Er zit ten onrechte een verschil in de grens van lens 4/6, zoals enerzijds afgebeeld op pagina 52 en 59 en anderzijds zoals afgebeeld op de structuurvisiekaart. De begrenzing op de visiekaart is onjuist, omdat de gronden ten zuiden van de spoorlijn (visput etc.) niet bij lens 4/6 horen. De structuurvisiekaart is op dit punt dus aangepast.
--------------------------------------------------------------------------------------------
BIJLAGEN
(let op: de bijlagen staan in het reactiedocument dat u hieronder kunt downloaden)
1. Gewijzigde afbeelding lens 4 / 6 (ambtshalve).
2. Gewijzigde afbeelding lens 7 (zie zienswijze Rijkswaterstaat).
3. Gewijzigde afbeelding structuurvisiekaart voor wat betreft begrenzing lens 4 / 6 (ambtshalve).
Enkhuizen, 3 november 2009
Burgemeester en wethouders van E n k h u i z e n
De secretaris, De burgemeester,
(R.M. Reus) (J.G.A. Baas)